Weerkaart

(T = Lagedrukgebied, H = Hogedrukgebied)

Hoge- en lagedrukgebieden ontlenen hun titel niet aan een absolute (lucht)drukken, maar aan de relatieve luchtdruk van gebieden ten opzichte van elkaar. Dus een gebied met een lagere luchtdruk, grenzend aan een gebied met een hogere luchtdruk, is altijd een ‘lagedrukgebied’, ook al lijkt de luchtdruk relatief hoog.